Agrifood = biobased

Robbert Coops, Strategisch Adviseur CSR bij Schuttelaar & Partners

“De Nederlandse agrofoodsector bekleedt een internationale koppositie en is onderdeel van de oplossing voor de (internationale) uitdagingen rond voedselzekerheid, armoedebestrijding, energie, water, klimaat, vrede en stabiliteit. De land- en tuinbouw verdienen versterking, nationaal, Europees en mondiaal. Gerichte investeringen in innovatie en verduurzaming in de agrofood-, tuinbouw- en visserijsector is nodig om de koppositie te behouden. Hierbij blijft een goede wisselwerking tussen kennis, praktijk en beleid een sleutelfactor voor succes in innovatie. Alle agrofoodsectoren (incl. tuinbouw en visserij) verdienen ontwikkelingsperspectief, richting innovatie en verduurzaming. Het beleid versterkt de economische kracht van ondernemers”.

Een lang citaat. Maar vooral een belangrijk citaat voor de agrifoodsector, afkomstig uit het regeerakkoord tussen VVD en CDA. Het signaal is weliswaar duidelijk, nu de uitwerking nog. Want juist nu is het economisch van groot belang te investeren in kennis en innovatie, vooral op die terreinen waar Nederland zijn brood mee verdient. Generiek en specifiek overheidsbeleid, gericht op het versterken van het cluster, is noodzakelijk om de huidige toppositie te kunnen blijven innemen. Dat in het verleden opgebouwde succes is te danken aan de innovatiekracht van de sector, gecombineerd met specifiek en gericht overheidsbeleid. Decennia lang heeft de rijksoverheid daartoe onderwijs, voorlichting, onderzoek en innovatie ingezet. Om – zeker ook mondiaal – te kunnen blijven voldoen aan de vraag naar hoogwaardige landbouwproducten zullen gerichte investeringen noodzakelijk blijven. Gelet op de financiële situatie en de op stapel staande bezuinigingen is het daarom des te meer van belang dat overheidsinstrumenten en -budgetten doelmatig worden ingezet en goed op elkaar worden afgestemd Een adequate coördinatie op rijksniveau is daarvoor een randvoorwaarde.

Waarom agrifood zo uniek en belangrijk is voor de Nederlandse economie is duidelijk. Alleen al 600.000 werknemers in zo’n 100.000 bedrijven leveren jaarlijks een toegevoegde waarde van meer dan 50 miljard. Negen bedrijven in de top-20 van meest sterke en innovatieve bedrijfstakken zijn uit de agrifoodsector afkomstig. Een belangrijk segment behoort zelfs tot de wereldtop. Dat is veelzeggend. De sector draagt fors en structureel bij aan de concurrentiekracht. Internationaal neemt deze een vooraanstaande positie in, geschraagd door innovatiekracht en ondernemerschap. Ons land is de op één na grootste voedselexporteur ter wereld. De productiviteitsverhogingen op het gebied van energie, arbeid en grond, zijn zeer aanzienlijk. De gemiddelde voedselprijs is in ons land de laagste van Europa. In de loop der tijd is die toppositie verworven door in nauw samenspel tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid te accelereren en oplossingen te genereren gericht op duurzame ontwikkeling. De sterke en unieke positie op het terrein van plantenveredeling en –vermeerdering is daar een goed voorbeeld van.

Ook voorziet het agrifoodcluster de samenleving steeds meer van groene energie, levert het een bijdrage aan de gezondheidszorg en speelt het een belangrijke rol bij het beheer van natuur en landschap. Het levert daarmee een cruciale bijdrage aan het versterken en benutten van de verschillende economische pijlers van het landelijk gebied.

Natuurlijk zijn niet alle ontwikkelingen maatschappelijk onomstreden. Het zal niemand ontgaan dat onderwerpen als intensieve veehouderij of de complexe relatie tussen natuur en landbouw kritisch worden gevolgd. Het geeft aan onder welke dynamiek en maatschappelijke druk vernieuwingen noodzakelijk zijn. Die veranderingen en innovaties vinden plaats tegen de achtergrond van mondiale opgaven, zoals als het verdubbelen van de voedselproductie – voor negen miljard monden – terwijl de ecologische footprint moet halveren, de bijdrage aan de oplossing van het klimaatvraagstuk, behoud van biodiversiteit en de ontwikkeling van de biobased economy. Het legt een enorme druk op de beschikbare capaciteit, zowel waar het gaat om grond, mineralen of arbeid, maar ook om onderwijs, innovatie en onderzoek.

Het zijn juist deze uitdagingen die ook voor het bedrijfsleven en de wetenschap kansen bieden. Nu al draagt innovatie in de agrifoodcluster sterk bij aan duurzame ontwikkelingen en structurele productiviteitsverhogingen. Die trend zal moeten worden voortgezet. En juist daarom is het zo van belang dat expliciet rekening wordt gehouden met de bijzondere positie en de maatschappelijke opgaven van het cluster. Daarvoor blijft krachtig overheidsbeleid op nationaal en internationaal niveau noodzakelijk. Net zo belangrijk zijn bijdragen van de landbouwwetenschappen die tot een groene revolutie leiden. De huidige, zo succesvolle koppeling tussen overheidsbeleid, bedrijfsleven en kennisinstellingen zal kortom hoe dan ook moeten worden voortgezet. Het regeerakkoord “Vrijheid en verantwoordelijkheid” geeft in dat opzicht richting en inspiratie. Maar of dat voldoende is?

Robbert Coops

Robbert Coops

international website