De ziel
Wat bindt een 70-tal internationale vertegenwoordigers uit de agrofood sector? Met die vraag liep ik rond op het prestigieuze EFAS seminar, georganiseerd door Wageningen UR en de Harvard Business School. Topondernemers, CEO´s, DG´s, directeuren, het beste niveau was aangezocht om gezamenlijk businesscases te doorlopen.
Hoe kan het Mexicaanse bier Corona een succes worden op de Europese markt? Kan British Sugar anticiperen op kortingen van de suikersubsidies? Wat moet Unilever aan met zijn internationale divisie in diepvries? En groeit de Russische retailketen Pyateorochka niet veel te snel?
Enkele observaties na drie dagen luisteren, analyseren, discussiëren en gezamenlijk zoeken naar oplossingen. Het decor voor de Europese agrofood sector wijzigt zich momenteel razendsnel. De dominantie van de retail, de moeilijke positie van de A-merken, wijzigende subsidiesystemen, nieuwe ondernemers in Rusland en Oost-Europa en de rol van Brazilië en Zuid-Oost Azië. Technologische doorbraken en krachtige consumententrends: het speelveld gaat op zijn kop. Alleen kostprijsdominantie lijkt blijvend te zijn.
Opvallend was dat maatschappelijke issues slechts een geringe rol speelden in dit gevecht om een plek in de markt.
Tegelijkertijd was een ieder er van doordrongen dat er een diepere lading verbonden is aan de agrofood sector. Zoals Frans Fishler het uitdrukte: “Food & drink is emotion. If we do not deal right with them, we will fail.” En “Europeanen praten over agriculture, Amerikanen over farming.” Maar ook in de Amerikaanse cultuur raakt men zich daarvan bewust. Of zoals Michael Stimpert, vice president van één van de grootste producenten van kip en kipproducten het fraai verwoordde: “Food industry has some elements of public utility. Maybe we should think about this.”
Douwe Zijp, CEO van Nunhems Zaden, verwoordde het het treffendst. “Er zit nu eenmaal een ziel in die agrofood sector en ik ben er trots op daar deel van uit te maken.”
Marcel Schuttelaar
|