Laatste nieuws

Laat discussie over waterbeheer niet verwateren

Ontbijtdebat water 2010

De watersector mag zich verheugen op een brede belangstelling van de politiek. Dat is – zo vlak voor de Tweede Kamerverkiezingen – opvallend, maar zeker niet geruststellend. De politieke partijen laten zich in hun partijprogramma’s immers wel uit over de toekomstige bestuurlijke positie van waterschappen, maar zijn over het algemeen wat minder uitgesproken over de uitvoering en financiering van het Deltaprogramma, innovatie of het belang van de waterkwaliteit.

Het druk bezochte ontbijtdebat dat door MWH, de Unie van Waterschappen, WaterForum en Schuttelaar & Partners op 3 juni in Nieuwspoort werd georganiseerd, liet scherp zien dat niet alleen de politiek, maar ook de wetenschap, samenleving, adviesbureaus en overheid aan zet zijn om het belang van een effectief te organiseren en duurzaam te ontwikkelen beleid op het brede terrein van waterbeheer urgent is.

Het actuele debat over waterbeheer heeft de neiging te vluchten in een debat over het functioneren en het democratische gehalte van waterschappen. “Dat is een schijndiscussie die uiteindelijk weinig zal opleveren”, aldus Ed Nijpels, voorzitter van NLingenieurs. Staatsrechtelijke discussies en staatscommissies over bestuurlijke hervormingen hebben op dat gebied weinig concreets opgeleverd.

Als er al nagedacht moet worden over de bestuurlijke positie van waterschappen, dan zal dat in breder verband moeten plaatsvinden. Maar ook dan zal de uiteindelijke efficiëntiewinst – zoals die door sommige partijen nu al wordt ingeboekt – gering zijn. Een bedrag van 23 miljoen euro op jaarbasis vormt slechts een procent van het totale budget.

Peter Glas, voorzitter van de Unie van Waterschappen, wees er op dat waterschappen efficiënt en kwalitatief werken, veelal ook samen met provincies en gemeenten. Er is sprake van een voortgaand fusieproces (van 2600 tot 26 waterschappen!), dat tot schaalvergroting en betere regionaal-functionele eenheden heeft geleid. Het buitenland is jaloers op deze goed functionerende vorm van ‘watergovernance’ en dat is niet voor niets.

De aanwezige woordvoerders van VVD (Helma Neppérus), CDA (Ad Koppejan) en CU (Martine Vonk) bleken van mening dat de huidige functie van waterschappen als uitvoerende organisaties moet worden gehandhaafd, zij het dat de efficiëntie kan worden verbeterd. Eigenlijk vond alleen Maas Goote (D66) dat het opheffen van waterschappen – maar dan wel op basis van een brede bestuurlijke vernieuwingsoperatie – een aantrekkelijke optie is.

De economische crisis laat zich ook in deze sector voelen. De heroverwegingsoperatie op dit terrein – die zo’n honderd miljoen bezuinigingen heeft opgeleverd – gaat veel te veel uit van het “snelle geld”, dat te verdienen zou zijn met het opheffen van waterschappen, terwijl de realiteit leert dat achter de dijken niet alleen tien miljoen mensen wonen, maar waar ook tweeduizend miljard investeringen zijn gepleegd. Dat betekent dat er – ook gegeven de klimaatveranderingen – geïnvesteerd moet worden in waterbeheer en zeker in waterveiligheid.

Dat het advies van de commissie-Veerman, het Deltaprogramma, door de Tweede Kamer controversieel is verklaard, betekent dat er stagnatie en onduidelijkheid ontstaan over de financiering en uitvoering van dit plan dat veiligheid, waterbeheer en waterkwaliteit combineert. Volgens Nijpels zou er vooral gedebatteerd moeten worden of het advies van Veerman qua veiligheidsnorm of qua fasering aanpassing verdient, vanuit de huidige begrotingsproblematiek.

De analyses en aanbevelingen zijn verder immers onomstreden. VVD, CDA, CU en D66 bleken in ieder geval niet te willen tornen aan de normen, zoals op het terrein van de hoogwaterbeschermingsprogramma’s, hoewel Neppérus nog wel enige twijfel had over de onderbouwing en consequenties van de zeespiegelstijging en bodemdaling.

Dat structureel en blijvend investeren in waterbeheer ook cruciaal is voor de mondiale positie van ons land op het gebied van kennis, technologie, innovatie maar zeker ook export, is duidelijk. De economische waarde van de deltatechnologie is 120 miljard euro op jaarbasis en voor de watertechnologie 3.000 miljard. De mondiale vraag naar deze kennis stijgt, maar het belang van de Nederlandse advies- en kennissector daalt (van plek naar 5 naar 10), terwijl er in principe een unieke combinatie aanwezig is van kennis, ervaring, overheid en innovatieve projecten die met een uitgekiende marketingstrategie de internationale concurrentie aan kan. Maar dan zullen alle partijen zich daarin nadrukkelijker moeten organiseren, samenwerken en presenteren.

Dit ontbijtdebat was en is te volgen via Twitter. Kijk voor meer informatie hierover op Waterforum

Lees hier de reactie op het forum van Robbert Coops

Zoals het er nu naar uitziet zal dit debat worden herhaald nadat het nieuwe regeerakkoord is verschenen.

Waterdebat

international website