Contact

Zeestraat 84
2518 AD Den Haag

Andere vestigingen ›

Marcel Schuttelaar

CO2 labelling

Na een jaar of 30 actie voeren en adviseren voor een gezondere en schonere wereld dacht ik het meeste wel gezien te hebben. De grote trends, de snelle hypes, de overdrijving, kortom het gebruikelijke spel rond maatschappelijke issues. Als trendwatcher hou ik het verschil tussen zin en onzin aardig in de gaten en laat me dus nog zelden verrassen. Te meer daar wij zo’n 30 jaar terug (Milieudefensie) al over een aardige analyse beschikten. Ook toen vochten we voor energiebesparing en zetten zonne- en windenergie op de kaart. Alhoewel de krakkemikkige windmolen op het dak van Milieudefensie al vrij snel zijn wieken kwijt was. Van een afstand leek er een boortorentje op het kantoor te staan.

Ik meen me te herinneren toen voor het eerst gehoord te hebben van het broeikaseffect. Toen ik in 1990 bij de Consumentenbond het milieubeleid vorm moest geven ben ik eerst maar eens begonnen de kernvraagstukken te definiëren m.a.w. zin en onzin van elkaar te scheiden. Om achter de ernst van het klimaatvraagstuk te komen leek het me het veiligste te rade te gaan bij ‘rechtse’ economen. OECD rapporten waren uiterst duidelijk. Het dreigde zo tussen 2 en 4 graden warmer te worden op aarde. De zeespiegel kon wel een meter stijgen. Door de verhoogde CO2-emissie konden grote klimaatwijzigingen optreden; met storm, droogtes en ander onheil tot gevolg. Het energiebesparingsbeleid van de Consumentenbond kreeg een extra impuls door deze vaststelling. Maar ondanks dat er op tal van fronten successen zijn geboekt, bijv. de loskoppeling van economische groei en energieverbruik, bleef het lang stil aan het klimaatfront. Zo ook bij mij.

Ik vlieg –bewust- weinig en rijd een zuinige auto, maar daar blijft het zo’n beetje bij. Als bedrijf zijn we wat fanatieker, maar ik miste een beetje het heilige vuur. Zelfs toen Al Gore zijn film presenteerde dacht ik: ‘dat weten we toch al’. Gek genoeg merkte ik wel dat enkele mij goed bekende opinieleiders wat zenuwachtig werden. Maar het grootste deel van mijn omgeving beschouwde het als business as usual of was zelfs uitgesproken klimaatcriticaster.

Deze winter stuitte ik op het verhaal van Fred Pearce. ‘Een populistisch boekje’ vertaald door Maurits Groen en collega’s. Pearce vraagt zich af of het broeikaseffect wel leidt tot een lineaire klimaatverandering. Zou het niet zo kunnen zijn dat de extreem hoge emissie van o.a. CO2 leidt tot een bescheiden temperatuursstijging van bv. enkele graden die op zijn beurt processen in het werk zet die leiden tot nog veel grotere emissies van broeikasgassen (o.a. methaan). En dat daardoor het stabiele klimaat ecosysteem in zeer korte tijd kan omklappen met mogelijk apocalyptische gevolgen. Op zijn minst heeft Pearce een punt.

We nemen mijns inziens een volstrekt onverantwoord risico. Een beetje energiebesparing zal niet helpen. Wat nodig is is een fundamentele trendbreuk, een halvering of verder in 1 of 2 decennia. We weten waar de grootste problemen zitten. In transport, maar ook in de landbouw/voedselproductie. Dertig jaar terug publiceerden we al over het hoge energieverbruik wat gepaard gaat met de productie van ons voedsel. De veehouderij, het diepgevroren transport, de verkoop via koelvitrines in de supermarkt en voedselverspilling (weggooien) door consumenten en horeca. Veel was al bekend. Nu er signalen zijn dat de urgentie mogelijk veel groter is dan eerder gedacht wordt het hoog tijd nog eens serieus naar het energiebeslag van ons voedsel te kijken.

CO2-labelling, de weergave van de CO2-emissie bij de voortbrenging, kan daartoe een hefboom zijn. Persoonlijk lijkt het etiket me al vol genoeg, maar dit soort info zou ook online of via retailmagazines gepresenteerd kunnen worden. Als het maar snel gaat en niet afleidt van de kernboodschap. Drastisch omlaag die emissies! Liefst binnen 10 jaar. Planeet aarde wordt ongeduldig.

Marcel Schuttelaar

Woensdag 12 maart staat het Maatschappelijk Café in het teken van CO2 labelling van voedsel