Contact

Zeestraat 84
2518 AD Den Haag

Andere vestigingen ›

Madelein van der Velden

Het belang van een netwerk in de energietransitie

Gisteren zag ik een reclame- met de slogan Alleen ga je sneller, samen kom je verder. En ik dacht meteen dat spreekt toch voor zich? Tegelijkertijd deed deze tegeltjeswijsheid me ook  denken aan een onderzoek waaruit bleek dat het toch lang niet zo vanzelfsprekend is om de samenwerking te zoeken.  

In opdracht van de provincie Noord-Brabant deed ik 1,5 jaar geleden een onderzoek naar de aanpak van de energietransitie door Brabantse gemeenten. Voor het onderzoek interviewde ik een groot aantal wethouders en ambtenaren die energietransitie op dat moment in hun portefeuille hadden. Twee gemeenten met een totaal verschillende werkwijze, zijn me bijgebleven. Voor het gemak noem ik ze gemeente A en gemeente B.

Wat was hun verhaal?

Beide gemeenten hadden aan het begin van de nieuwe bestuursperiode een energietransitie-to-do-list met daarop onder andere het plaatsen van een windmolen. Binnen de gemeentegrens, dicht tegen de gebouwde omgeving aan.

De bestuurder van gemeente A wist meteen ‘dit wordt moeilijk‘. Een windmolen in de gebouwde omgeving, dat stuit op weerstand. Hij hoorde de argumenten van de omwonenden al: “landschapsvervuiling, geluidsoverlast, slagschaduwen, dodelijk voor vogels.” De bestuurder plaatste de windmolens onderaan zijn to-do-list en liet het onderwerp rusten.

Samen bouwen

De bestuurder van gemeente B wist het ook. Windmolens…ja, dat wordt een lastig en hoogst waarschijnlijk een langdurig traject. Maar hij was er van overtuigd dat deze ‘to-do’ belangrijk was voor zijn stad. De insteek van deze bestuurder was om het vooral samen met de omgeving te doen, dus zette hij in op betrokkenheid en medezeggenschap.

De bestuurder begon te bouwen aan een lokaal netwerk met bewoners, bedrijven, kennisinstellingen, woningbouwcoöperaties, energieleveranciers, de netbeheerder en natuurlijk de gemeente zelf. In de vele maanden die daarop volgden, sprak de bestuurder keer op keer met het netwerk. Eerst over het belang van de plaatsing en over de gezamenlijke verantwoordelijkheid. En daarna over de gezamenlijke opbrengst. Hij vroeg het netwerk waar de molen precies zou moeten komen (iets naar links of juist nog iets meer naar rechts) en sprak met het netwerk af hoe de opbrengsten verdeeld moesten worden. Bij de plaatsing was het feest en was het gehele netwerk trots op het resultaat. Niet lang daarna heeft het netwerk een subsidieaanvraag ingediend voor verdere duurzaamheidsmaatregelen.

Met de vuist op tafel

Inmiddels was het einde van de bestuursperiode in zicht. En bij gemeente A stond de windmolen nog altijd onderaan de to-do-list. Totdat de bestuurder werd benaderd door de grootste werkgever uit de stad. Deze werkgever vertelde dat hij ook een lijstje had. Een MVO-lijstje, met een windmolen erop. Of de bestuurder daar bij kon helpen? Ja, riep de bestuurder. Hij hield de werkgever graag te vriend en de molen moest eigenlijk toch al geplaatst worden. De bestuurder legde zijn besluit aan de gemeenteraad voor om per direct een molen te plaatsen. De raad reageerde in eerste instantie afwijzend, maar de bestuurder sloeg met zijn vuist op tafel en hij loodste het besluit door de raad. Bestuurder blij, werkgever blij.

De inwoners van de stad stonden op hun achterste benen. Met spandoeken en boe-geroep zaten zij op de publieke tribune. Ondanks alle protesten is de molen er gekomen. Mooi toch? Of toch niet. In gemeente A was het draagvlak voor verdere verduurzaming naar een absoluut dieptepunt gedaald. Om nog maar te zwijgen over het gebrek aan vertrouwen in het gemeentebestuur.

Investeer in het netwerk

Bovenstaand voorbeeld bewijst in de praktijk dat het waar is: “alleen ga je sneller, samen kom je verder.”

Als coördinator van een tweetal energietransitie-netwerken in de gemeente Den Haag, onderschrijf ik dat het bouwen en onderhouden van netwerken tijd kost. En ook dat het niet altijd gemakkelijk is. Maar door net als gemeente B te investeren in de bouw van een netwerk, door te luisteren en door alle betrokken partijen erbij te betrekken, creëer je wel een omgeving met een gezonde voedingsbodem voor toekomstige maatregelen.