Contact

Zeestraat 84
2518 AD Den Haag

Andere vestigingen ›

De uitdagingen voor biologische voeding

Er wordt veel gesproken over de Europese Green Deal en de daarbij horende Farm to Fork (F2F) strategie van de Europese Commissie. Veruit het bekendste onderdeel van de F2F-strategie is het streefcijfer van 25% biologisch landbouwareaal in 2030. In het Europees Parlement is een meerderheid voor een wettelijke verankering van dat doel. In de Europese Unie is het huidige biologisch areaal 7,5% en in Nederland nog geen 4%. Werk aan de winkel dus! Wat moet er in Nederland en Europa gebeuren om de doelen te behalen?

Allereerst moeten we even iets ophelderen; de 25% is geen harde eis voor iedere lidstaat. Het gaat hier om een Europees streefcijfer. Dat betekent dat 25% van het Europese landbouwareaal biologisch moet worden. Iedere lidstaat moet zich daarvoor inspannen, maar in Nederland zal de soep niet zo heet gegeten hoeven te worden. Hoe gaat het dan in andere landen? Kort gezegd: beter. In Duitsland en Frankrijk zijn de biologische arealen respectievelijk 7 en 10 procent. Oostenrijk en Estland zijn met 26 en 22 procent Europese koplopers.

Onze landbouw

Nederland is een van de grootste landbouwexporteurs ter wereld. Van onze export is ongeveer een derde slechts doorvoer, maar het leeuwendeel is van Nederlandse makelij. Het Nederlandse landbouwsysteem is ingericht op een zo hoog mogelijke productie tegen een competitieve prijs op de wereldmarkt. Omdat Nederland niet groot is, halen we alles uit de beschikbare vierkante meters: een efficiënte, intensieve landbouw dus. Dit wordt nog eens versterkt door de grondprijs, die de 60.000 euro per hectare al heeft overschreden. Voor biologisch boeren is meer grond nodig en valt de productie per hectare wat lager uit. Verschillende initiatieven als Aardpeer en Land van Ons pleiten voor nieuwe grondpolitiek en pachtwetgeving. Daarnaast kopen ze landbouwgrond aan en verpachten ze het tegen een gunstig tarief aan natuurvriendelijke boeren. Lagere grondprijzen nemen de reden weg om nog verder te intensiveren en maken de stap naar biologisch kleiner. De meeste boeren willen ook natuurvriendelijker werken, maar zitten vast in een systeem dat ze tot andere keuzes dwingt.

Het prijsverschil

Prijs is voor consumenten de voornaamste reden om een biologisch product in het schap te laten liggen. PLUS supermarkt neemt haar klanten die drempel nu weg. Als enige retailer in Nederland verkoopt PLUS vanaf week 26 onder eigen huismerk alleen nog maar biologische melk. De klant blijft dezelfde prijs betalen als voor gangbare melk. De boeren krijgen de meerprijs die bij biologisch past. En PLUS legt het verschil in prijs zelf bij. Door de bank genomen zijn biologische producten ongeveer 30% duurder. Vaak zijn biologische producten van huismerken goedkoper dan het A-merk. We zouden kunnen zeggen dat biologisch niet duurder is, maar dat gangbare voeding veel te goedkoop is en maatschappelijke kosten met zich meebrengt, bijvoorbeeld voor biodiversiteit, bodem, water en gezondheid.

Aan de vraagkant ligt de grootste uitdaging. Pas als we een meerprijs willen betalen, is het bedrijfsmodel rond en kan de kostbare overstap gefinancierd worden. Oorzaken daarvoor worden soms gezocht in het ontbreken van een Nederlandse eetcultuur, waardoor we minder waarde hechten aan biologische ingrediënten van onze bodem en sowieso niet veel aan eten willen uitgeven. De overheid kan dat aanjagen door bijvoorbeeld de btw op biologische voeding te verlagen en zelf biologische producten in haar kantines te leggen, zoals dat in Zweden al gebeurt. Aan de aanbodzijde kan de overheid met grondbeleid verdere intensivering afwenden.

Als we de hordes kunnen nemen en als consumenten en overheid samen om gaan, kunnen we de landbouw voor de toekomst veiligstellen. Veel boeren willen vooruit, nu wij nog.

Foto: Bio-afdeling bij Edeka, Duitsland


Meer weten?

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Noud Cochius